Steenuilen gebruikten oorspronkelijk holle bomen zoals knotwilgen en hoogstamfruitbomen om in te broeden.
Steenuilen gebruikten oorspronkelijk holle bomen zoals knotwilgen en hoogstamfruitbomen om in te broeden. (Foto: Monique van Kootwijk)

Beveland buiten in de herfstmaand: vier soorten uilen

Als Vogelringer van het Vogeltrekstation ring ik onder andere uilen. Op Noord- en Zuid-Beveland komen drie soorten uilen voor: Steenuilen, Ransuilen en Kerkuilen. Een vierde soort, de Bosuil komt wel op Schouwen en in Zeeuws Vlaanderen voor, maar (nog) niet in Midden-Zeeland.

door Peter Boelee

GOES - Steenuilen gebruikten oorspronkelijk holle bomen zoals knotwilgen en hoogstamfruitbomen om in de broeden. Door veranderingen in het landschap verdwenen veel van die holle bomen en maken ze nu dankbaar gebruik van nestkasten.
Ransuilen, je weet wel die uilen met "oortjes", maken gebruik van oude takkennesten van bijvoorbeeld Ekster en Zwarte Kraai om er hun eieren in te leggen en hun jongen groot te brengen. Later zal ik over deze beide soorten wat uitgebreider schrijven.
De derde soort die hier voorkomt is de Kerkuil. Kerkuilen broeden over het algemeen binnen in gebouwen. Meestal in agrarische schuren en dan vaak in een nestkast die vrijwilligers in zo'n schuur geplaatst hebben. Op Noord en Zuid-Beveland zijn door vrijwilligers van Kerkuilwerkgroep in totaal 180 kerkuilnestkasten geplaatst, waarvan er gemiddeld per jaar 44 bezet zijn.
Kerkuilen komen niet meer in kerken voor omdat de torens meestal tegen overlast van duiven dicht gemaakt zijn. De naam "Schuuruilen" zou de lading beter dekken.

Braakballen

Kerkuilen eten muizen, ze slikken de muizen in zijn geheel in en spugen het haar en de niet verteerbare botjes terug uit, in de vorm van braakballen. Met deze braakballen stofferen ze hun nestkast. Dat betekent dat minstens éénmaal per jaar de nestkast schoon moet worden gemaakt. Braakballen kunnen door kinderen op scholen worden geplozen, MEC de Bevelanden leent "braakbal" leskisten aan Bevelandse scholen uit.
Om de uilen in hun nestkast zo min mogelijk te storen worden er tegenwoordig webcams in de nestkasten geplaatst, zodat de controleur, maar ook de eigenaar op de begane grond mee kan genieten van het intieme uilenleven daar hoog bovenin de nestkast. Om de jonge uilen in de gelegenheid te stellen buiten de nestkast vliegoefeningen te maken, wordt er naar Engels voorbeeld rondom de nestkast een bordesje gemaakt. Op de foto jonge kerkuilen op zo'n bordes, gefotografeerd met behulp van een bewegingscamera in een boerderij nabij Wolphaartsdijk.
Zodra de jonge uilen 6 weken oud zijn kunnen ze worden geringd zodat later kan worden vastgesteld hoe oud ze zijn geworden en hoe ver ze van hun geboortenestkast terecht zijn gekomen. Zo werd een jonge kerkuil uit Oudelande 6 maanden na het uitvliegen ten zuiden van Parijs teruggevonden.

Meer berichten