Logo de-bevelander.nl


"Op de opvang gaan ze om met leeftijdsgenootjes en kunnen ze hun sociale vaardigheden ontwikkelen." FOTO: PR
"Op de opvang gaan ze om met leeftijdsgenootjes en kunnen ze hun sociale vaardigheden ontwikkelen." FOTO: PR (Foto: Shutterstock)

'Je hebt kinderopvang sowieso nodig'

Er is de afgelopen jaren heel wat op de kinderopvang afgekomen. En nog. Regelgeving wordt telkens aangescherpt en de kosten nemen daardoor meestal toe. Maar het feit dat anderzijds de toeslagen voor ouders ook omhoog gaan, is vaak onderbelicht in de media. Wat gaat er precies veranderen in 2019 en wordt het nu echt veel duurder?

door Mariska den Hartog

ZEELAND - Begin 2018 werd de Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK) ingevoerd. Deze wet is in het leven geroepen om de kwaliteit en de toegankelijkheid van de kinderopvang in Nederland te verbeteren. De IKK omvat heel wat wijzigingen waar kinderopvangorganisaties aan moeten voldoen. Zo geldt er onder andere het vaste-gezichtencriterium (er moet minimaal één en maximaal drie vaste medewerker(s) voor het kind zijn), heeft ieder kind een mentor en moet er op elk kindercentrum tijdens openingsuren een volwassene aanwezig zijn met een kinder-EHBO-certificaat.

Vanaf 2019 gaat er nog een schepje bovenop. Dan moet er op ieder kindercentrum een HBO-geschoolde pedagogisch beleidsmedewerker ingezet worden. Die coacht de medewerkers bij de dagelijkse werkzaamheden. Daarnaast wordt de beroepskracht kindratio (bkr) gewijzigd. Die bkr bepaalt hoeveel kinderen er op één medewerker mogen zijn. De bkr voor baby's tot 1 jaar oud wordt in het nieuwe jaar bijgesteld van vier naar drie baby's op één pedagogisch medewerker. Voor de buitenschoolse opvang wordt de bkr iets verruimd van tien naar twaalf kinderen per pedagogisch medewerker.

Door al die maatregelen, en vooral die in 2019 ingevoerd worden, is de verwachting dat kinderopvangorganisaties met hogere personeelskosten te maken krijgen. Daarin zijn wel grote verschillen tussen kindercentra. Grote kinderopvangorganisaties kunnen dit beter opvangen dan kleinschalige kindercentra. Bij die laatste zullen de personeelskosten in 2019 harder stijgen. De regering rekent erop dat de uurprijs voor kindervang gemiddeld met € 0,57 stijgt. Daar staat tegenover dat de tegemoetkoming voor ouders, de kinderopvangtoeslag, ook verhoogd wordt. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zegt daarover: "Goede en toegankelijke kinderopvang maakt het voor ouders mogelijk om arbeid en zorg te combineren. De overheid vindt het belangrijk om ouders hierin verder te ondersteunen. Daarom investeert ze 248 miljoen euro in de verhoging van de kinderopvangtoeslag. Verder gaat de maximum uurprijs omhoog, voor de dagopvang is deze vastgesteld op € 8,02 per uur vanaf 1 januari 2019."

Wat dat concreet betekent, heeft de Consumentenbond voor ouders op een rijtje gezet. In hun rekenvoorbeeld gaan ze uit van 1 of meerdere kinderen die drie volle dagen naar de opvang gaan. Verdien je als ouders samen maximaal € 114.000 per jaar, dan krijg je in 2019 ruim € 1000 extra toeslag per kind. Zit je qua inkomen tussen de € 90.000 en € 105.000, dan heb je het meeste voordeel. De toeslag stijgt dan ruim € 2000 per jaar. Ook voor gastouderopvang en buitenschoolse opvang gaat de kinderopvangtoeslag omhoog. Het verschil is wel dat er voor gastouderopvang geen kostenverhoging voor de gastouders wordt verwacht.

Weinig keuze

Op dit moment zijn de nieuwe tarieven nog niet bekend gemaakt door de meeste kinderopvangcentra en ook de proefberekening van de belastingdienst kan dus nog niet gemaakt worden. Anne Bakker is moeder van twee zoontjes. De jongste gaat een dag in de week naar de opvang en de oudste gaat een middag naar de bso. Net als bij veel ouders leeft het onderwerp niet echt. "Ik ben er niet zo heel erg mee bezig, er verandert qua kosten vaak niet zo veel, zeker als de toeslag ook mee omhoog gaat. Je hebt ook weinig keuze, je hebt de opvang sowieso nodig. Die tien of twintig euro erbij maakt voor mij dan niet zo uit. En bovendien vind ik het ook belangrijk voor de ontwikkeling van de kinderen. Op de opvang gaan ze om met leeftijdsgenootjes en kunnen ze hun sociale vaardigheden ontwikkelen. Dat is toch anders dan thuis. Er zijn absoluut meer aspecten dan alleen de kosten. Loopt het op den duur echt de spuigaten uit, dan zou ik misschien wel overwegen er minder voor te gaan werken."

Annemarie Piepers neemt voor haar zoontje twee vaste dagen per week opvang af. Ook zij laat zich in die keuze niet leiden door de kosten. "Ik realiseer me dat wij als anderhalf-verdieners in een bevoorrechte positie zijn. Wij willen graag allebei werken, maar we willen ook een gezin. Ik vind het vooral belangrijk dat prijs en kwaliteit in verhouding zijn. Als er tegenover de kostenstijging staat dat de kwaliteit vooruit gaat, sta ik er niet negatief tegenover. De opvang is toch een beetje mede-opvoeder, dan is het belangrijk dat het goed geregeld is."

Meer berichten

Shopbox