De drieteenstrandloper speelt met de golven


Foto:

De drieteenstrandloper speelt met de golven

Het is najaar en dat betekent dat ze weer terug zijn aan onze Noordzeekust: de drieteenstrandlopers. Het zijn leuke, kleine vogeltjes met een speels gedrag. Je ziet ze vaak in groepjes op het natte zandstrand zoeken naar eten en snel wegrennen voor de golven.

De drieteenstrandloper is lid van de familie van de strandlopers, waar bijvoorbeeld ook de grutto toe behoort. Strandlopers zijn vogels met relatief lange poten. Ze hebben normaal gesproken vier tenen: drie tenen steken naar voren en een teen steekt naar achteren. Maar bij de drieteenstrandloper ontbreekt de achterteen, en zo komt hij aan zijn naam. Je kunt het goed zien bij de afdruk van de poot in het zand: je ziet maar drie teentjes.

De drieteenstrandloper leeft van kleine krabbetjes, garnalen, schelpdieren, wormen en insecten. Hij pikt en boort met de snavel in het natte zand waar het voedsel nog dicht onder het oppervlak zit.

In het voorjaar trekken de drietenen naar Arctische gebieden in Canada, Groenland, Spitsbergen en Siberië. Daar broeden ze op de kale, steenachtige toendra met een schaarse begroeiing van mossen en korstmossen. Na het uitkomen van de eieren worden de jongen snel naar het dichtstbijzijnde water geleid. Na 17 dagen kunnen ze al vliegen.

In de nazomer keren de vogels in groepen terug naar het zuiden. Dan komen ze ook langs de Nederlandse kust. Veel drietenen zijn op doortrek naar het zuiden, maar elk jaar overwinteren zo’n 11.000 tot 16.000 vogels in Nederland. Ze verblijven op de zandstranden langs de kust en op de zandplaten van de Waddenzee en de Zeeuwse Delta.

Als je ‘s winters over het strand wandelt (dat moet je zeker doen, want het is goed voor de gezondheid) is het leuk om even stil te staan bij een groepje drieteenstrandlopers. Je kunt ze dan snel heen en weer zien rennen, op zoek naar hun voedsel. Ondertussen spelen ze met de golven. Het is een fascinerend gezicht. Als een loslopende hond ze opschrikt, vliegen de drietenen snel op om even later met een grote boog op dezelfde plek terug te keren. Dat verstoren moet niet te vaak gebeuren, anders verhongeren de vogels.

Voor meer informatie over natuur en gezondheid zie: www.duinbehoud.nl

Auteur: Marc Janssen, Stichting Duinbehoud

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden